Den Dikken

Katten. Ik heb er. Twee zelfs. Zwart, broer en zus, bang voor alles. Doen voor de rest wat andere katten ook doen (eten, slapen, dingen slopen omdat het kan).

De kater, in de volksmond beter bekend als Den Dikken, heeft een aandachtsstoornis. Wat wil zeggen dat hij er last van heeft als hij geen aandacht krijgt. Permanent. Den Dikken is ook niet bijster intelligent en behoorlijk lomp.

DSC02080

Overzicht van een dag met Den Dikken.

’s Nachts: Op bed liggen. Niet ergens aan het voeteinde waar plaats te over is. Neen, dat zou te gemakkelijk zijn. Den Dikken ligt op u, en zal daar blijven liggen. Als een zandzak. Er tegen stampen, er tegen duwen of er armen, benen of andere lichaamsuitstulpingen onder steken: Den Dikken couldn’t care less. En elke centimeter plaats die je opgeeft wordt meteen luid ronkend ingenomen.

Opstaan: Klaarzitten naast bed en als een slaafse hond meewandelen door het hele huis. Wat hij wil is niet duidelijk, maar er wordt wel voortdurend over gemiauwd. Den Dikken geeft graag kopjes, al is hij daar niet zo sterk in. Kopjes geven betekent: wandelen richting hand, 15 centimeter te vroeg stoppen, met bolle rug 180 graden draaien, kont laten zien.

Eenmaal klaar om naar beneden te gaan volgt hij braaf. Daarbij wordt exact gelopen waar volgens de planning een voet zou moeten neerkomen, wat bijvoorbeeld het afdalen van de trap een extra dimensie geeft. Altijd pret met Den Dikken.

Bij het thuiskomen zit Den Dikken (na een dag slapen in de zon en op het aanrecht lopen) te wachten aan de deur. Het ritueel van eindeloos miauwen en kopjes-geven-door-zijn-kont-te-tonen herhaalt zich.

Eten klaarmaken, schooiende katten. Krijgen ze iets, dan kijkt Den Dikken vooral naar de hand die eten geeft – terwijl zijn zus het eten binnenschrokt. Waarop één van de katten verbaasd is dat hij niets vindt. Enkel wanneer je eten vlak voor zijn poten legt en er vervolgens zijn kop induwt, snapt hij hoe de vork in de steel zit. Het is soms allemaal wat verwarrend, het leven.

’s Avonds houdt Den Dikken mij gezelschap. Dat door zijn massaal lijf op mijn bureau neer te planten, liefst met de kont op mijn muismat. Ook hier geldt dat elke prijsgegeven centimeter rechtmatig toekomt aan Den Dikken. No exceptions.

En dan. Klokslag half elf. Elke avond opnieuw. Ik voel mij bekeken. En jawel, zodra ik omkijk en oogcontact maak begint het: gemekker. Op en neer drentelen, zagen, soms een half uur aan één stuk. En het stopt pas wanneer ik hem zijn pot met korrels heb getoond. Die pot is niet leeg, die pot is niet verplaatst, de korrels zijn nog perfect in orde. Maar Den Dikken is vergeten waar zijn korrels zijn en is pas tevreden als ik hem -elke dag opnieuw- toon waar de pot staat. Den Dikken is, heel soms, een beetje nen aap.

Na uitgebreid korrels vreten tijd voor duchtig stoelgang maken op de kattenbak. Normale katten leggen hun gevoeg toe, hij krabt alle kattenbakkorrels uit de bak en vlucht dan, struikelend en overal tegenaan lopend, voor zijn eigen stank naar zolder.

Ongeveer tien minuten nadat ik in bed ben gekropen hoor ik het kraken van de zoldertrap. Even later vlijt een lomp gewicht zich op mijn benen. Den Dikken is klaar voor de nacht.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s